iconWat is vandaag ons begrotingsbeeld

In de eerste regel staat het financieel beeld dat we schetsten in de Perspectiefnota 2021-2024. Uw laatste actuele informatie van de financiële positie staat in de actieve informatievoorziening over de Meicirculaire 2020 (juli 2020). Bij de doorrekeningen van bestaande budgetten (indexeren en kapitaallasten) gebruiken wij vastgestelde uitgangspunten (4.3).

In onderstaand overzicht ziet u de bijstelling van de begrotingsruimte.

Begrotingsruimte

Ontwikkeling financiële positie

2021

2022

2023

2024

Beeld bij Perspectiefnota 2021-2024

89

277

908

563

Raadsbesluit voedselbank Zelhem (9 juli 2020)

-2

Effect 1e tussenrapportage 2020 (9 juli 2020)

-139

-139

-139

-139

Effect vrije ruimte Meicirculaire 2020 (7 juli 2020)

315

457

363

219

Beeld na meicirculaire 2020

263

595

1.132

644

Niet gerealiseerde opbrengst bouwleges

-353

-503

-553

-553

Definitieve berekening verdeling kosten VNOG

304

304

304

304

Effecten uitgangspunten

245

158

121

243

Begrotingsruimte Programmabegroting 2021

459

554

1.004

638

Voorstel voor storting in bestemmingsreserve sociaal domein

-459

Begrotingsuitkomst na voorstel storting

-

554

1.004

638

+ = begrotingsoverschot - = begrotingstekort

We hebben een sluitende begroting 2021

Een begroting waarin wij onze financiële uitdagingen voor de komende jaren op 'geld' hebben gezet. De opbrengst voor de bouwleges is lager dan geraamd in de Perspectiefnota 2021. Hierover hebt u van ons een actieve informatievoorziening ontvangen op 1 september. De ontwikkeling van de Algemene uitkering (de Meicirculaire 2020) en de definitieve verdeelmaatstaven voor de bijdrage aan de VNOG werken in financiële zin voordelig door. De effecten van de uitgangspunten volgen de jaarlijkse gebruikelijke ontwikkeling van budgetten door verschoven investeringslasten, compensatie van loon- en prijsstijging door het Rijk en een veelheid van kleine budgetveranderingen.

We hebben 5 financiële bijzonderheden in deze programmabegroting verwerkt

Uit het voorgaande overzicht 'Begrotingsruimte' blijkt dat de begroting voor 2021 sluitend is, ook

in meerjarenperspectief. In dit beeld zitten de volgende uitwerkingen:

  1. Een gedeelte van het tekort binnen het sociaal domein (programma 1) dekken we vanuit de gelijknamige bestemmingsreserve. Hiervoor hebben we in deze begroting € 2 miljoen in de bestemmingsreserve gestort. In 2021 gaan we verder met de transformatie opgave.
  2. De eerste investeringsvoorstellen van de Investeringsagenda ontvangt u over leefbaarheid en herinrichting industrieterreinen (deelprogramma 3A Economie, 2.1.3). We betalen de investeringen uit de jaarlijkse begrotingsruimte. Vanuit de bestemmingsreserve Kapitaallasten Investeringsagenda ramen wij vanaf 2024 een bijdrage van € 920.000 jaarlijks.
  3. De ontwikkeling van de Algemene reserve laat zien dat we tot 2025 een solvabiliteit van minimaal 30% hebben.
  4. We hebben geen rekening gehouden met de effecten van de herverdeling van het Gemeentefonds op onze rijksinkomsten of voor de Investeringsagenda.
  5. De beschikbare begrotingsruimte 2021 willen we inzetten voor de tekorten die we voorzien binnen het sociaal domein.

We willen meer begrotingsruimte realiseren

In de 1e begrotingswijziging 2021 en de Perspectiefnota 2022-2025 komen we met voorstellen voor (structurele) dekking van de kosten van het sociaal domein. Nu wordt de beschikbare begrotingsruimte (€ 459.000 in 2021) hiervoor gebruikt. Realiseren van begrotingsruimte vinden we belangrijk omdat:

  • we voor het sociaal domein structurele tekorten voorzien;
  • de voorgenomen investeringen eerst dekking vragen uit de begrotingsprogramma’s en we willen aanvullend beroep doen op de bestemmingsreserve Kapitaallasten Investeringsagenda. Dit vraagt dus om inhoudelijke bijstellingen, een scherp begrotingsbeleid en financieel beheer;
  • scherp begrotingsbeleid en financieel beheer is ook nodig omdat tegenvallers niet langer uit Algemene reserve gedekt kunnen worden, zonder daarbij aanpassingen te doen in investeringsambities;
  • we een vermindering van de Algemene uitkering verwachten.

We houden deze ontwikkelingen nauwlettend in de gaten en zoals hierboven al aangekondigd nemen we dit mee bij de opstelling van de Perspectiefnota 2022-2025.

Besluitvorming

In het kader van deze programmabegroting vormen alleen de budgetten, vervangingsinvesteringen en projecten voor 2021 een beslispunt. Voor de volgende jaren is dat afhankelijk van uw wensen op dat moment. De informatie over de jaren 2022-2024 is wel van belang om te beoordelen hoe de begrotingspositie er in de komende jaren uit ziet.